HomeNieuwsVragen SGP over spoorlijn naar Gronau

Vragen SGP over spoorlijn naar Gronau

Publicatiedatum: 28 aug. 2013

ENSCHEDE - SGP Overijssel zet grote vraagtekens bij de herinrichting van het spooremplacement in Enschede. Dat emplacement is de afgelopen zomer voor miljoenen verbouwd. Maar nog steeds kan de trein vanuit Gronau - tot ergernis van de SGP - niet doorrijden naar Hengelo. Lid van Provinciale Staten Jan Sligman had juist verwacht dat nu eindelijk de aansluiting in de spoorlijn Hengelo-Gronau zou worden hersteld.
 
De trein vanuit Gronau kan nu inderdaad doorrijden tot perron 4 van het stationsgebouw. Daarmee is een eind gekomen aan de volgens velen ongelukkige constructie met een apart perron voor de Duitse trein voor het stadskantoor. Na de herinrichting van de stationsomgeving blijkt de spoorlijn vanuit Gronau wel aan te sluiten op spoor 4 richting Hengelo. Maar niet heus! Lijn 4 is door twee stootblokken in tweeën gedeeld. De sprinter vanuit Hengelo stopt aan de westkant, de Duitse trein aan de oostkant. Doorrijden kan niet. De scheiding zou te maken hebben met verschillende veiligheidssystemen.
 
Voor de SGP reden te vragen of de provincie geld in de herinrichting heeft gestopt en welke eisen ze heeft gesteld als dit het geval is. Zij dringt aan om de door haar gewenste verbinding Hengelo- Gronau alsnog tot stand komt. En wel zo snel mogelijk.
(Tubantia 27-08-2013)
 
Vragen inclusief antwoorden GS:
 

Vraag 1. Heeft de provincie Overijssel een financiële bijdrage geleverd aan de reconstructie/vernieuwing en het toekomstbestendig maken van het NS-station Enschede?

Antwoord: Ja, de provincie heeft bijgedragen aan de kosten voor het verplaatsen van de Gronau-treinen van perron 5 naar perron 4. De provincie heeft niet bijgedragen aan de reconstructie van het emplacement.

 

Vraag 2. Zo ja, wat waren dan de voorwaarden waaraan Prorail moest voldoen?

Antwoord: Door de verplaatsing moest de overstapsituatie tussen de Gronau-treinen en de overige treinen worden verbeterd.

 

Vraag 3. Zijn de genoemde wensen die meerdere keren in de commissie RBROV besproken zijn, door Gedeputeerde Staten kenbaar gemaakt bij de directie van Prorail?

Antwoord: Ja, de wens om in de toekomst te kunnen doorrijden naar Hengelo is meerdere malen met Prorail en het Ministerie van Infrastructuur en Milieu besproken.

 

Vraag 4. Is met deze belangrijke en gewenste voorziening, een rechtstreekse verbinding tussen Duitsland en Hengelo, wel of geen rekening gehouden bij de reconstructie van station Enschede?

Antwoord: Door de verplaatsing naar perron 4 staan de Gronau-treinen nu op het juiste spoor om in de toekomst te kunnen doorrijden naar Hengelo. Om daadwerkelijk te kunnen doorrijden zullen de treinen geschikt moeten worden gemaakt om op het Nederlandse spoornet toegelaten te worden.

 

Vraag 5. Als uw antwoord negatief is waarom is deze belangrijke voorziening dan nu niet aangebracht?

Antwoord: De infrastructuur is op zichzelf geen belemmering voor het doorrijden.

 

Vraag 6. Als uw antwoord positief is mogen wij dan concluderen dat in de toekomst middels geringe aanpassingen de mogelijkheid aanwezig is de gewenste verbinding tussen Duitsland en Hengelo alsnog te realiseren?

Antwoord: Om te kunnen doorrijden hoeft alleen het thans geplaatste stootblok verwijderd te worden, dat er voor moet zorgen dat niet-toegelaten treinen het Nederlandse spoor op rijden.